Toscane in 11 dagen

Een verslag van een reis naar het mooiste van Italië. Toscane.
3300 kilometer, 11 dagen. * Dinsdag 25 september
1100 km van Gent tot Collecchio (rond Parma).
Overnachting in hotel Pineta***.
Avondeten in het plaatselijke ristorante-pizzeria Porfido. Grote, zeer lekkere pizza’s!

Collechio: eerste avondmaal: heerlijke, grote pizza

* Woensdag 26 september
170 km tot in Pisa. Bezoek aan het Piazza Dei Miracoli met de scheve toren, de Duomo en het Baptisterium. Ontspannen wat tijd doorgebracht op het grasveld naast het baptisterium. Bezoek aan de door de universiteit ingepalmde binnenstad. Gezellige studentensfeer op de terrasjes rond de campussen. Hier had ik met alle plezier een Erasmusjaar doorgebracht.
Doorrijden tot Lucca. (30km) en vinden van hotel Napoleon****, één van de weinige met nog een kamer vrij. Nog een stapje in het donkere, quasi toeristloze Lucca gedaan en daar jammergenoeg het ons onbekende ‘bolluto’ gekozen van de kaart. Vier verschillende stukken ‘vlees’ die precies een wedstrijd om het wansmakelijkst aan het voeren waren. Gelukkig kon ik tijdens het knabbelen denken aan de lekkere primi piatti en me verheugen op de panna cotta.

Pisa: Piazza Dei Miracoli

* Donderdag 27 september
We ergeren ons aan de stortregen tijdens het ontbijt. Miraculeus zijn de regenwolken echter weggetrokken na het verorberen van de laatste croissant en de laatste slok cappucino. Bezoek aan Lucca in het licht. Veel steegjes en pleinen. Zonnestralen!
Doorrijden tot Montecatini-Terme. Best een mooi park met erin verspreid de verscheidene termengebouwen. Het hele stadje werd echter tot termen herleid door de terug opgedoken regenval. Hotel Minerva**** gaf ons onderdak.

Lucca: binnenstad

* Vrijdag 28 september
De hemel was opgeklaard en de auto bracht ons tot Montecatini-Alto. Montecatini-Terme leek ineens zeer overzichtelijk.
Doorrijden tot Vinci (90km). Dit is het stadje naast het 2km verder gelegen Anchiano, het geboortedorp van Leonardo Da Vinci. Het Leonardo-museum is gehuisvest in een kasteeltje bovenaan de stad. ‘De vleugels’ en het prototype van ‘de fiets’ tarten de verbeelding. Het geboortehuis tart diezelfde verbeelding iets minder, maar heeft toch een mooi uitzicht op de met olijfbomen bestrooide heuvels.
Hotel Alexandra*** stelt blijkbaar het plaatselijke bejaardentehuis te werk en deze gebruiken een overdosis chemische materialen om het schoon te krijgen. Als de kuislucht weggetrokken is, is het schitterend uitzicht van kamer 202 op de glooiende, groene omgeving datgene wat de zintuigen het meest prikkelt. Het onderliggende restaurant Limonaia heeft ons ook doen smullen.

Vinci: Leonardo Da Vinci-'straat'Vinci: geboortehuis Leonardo: uitzicht

* Zaterdag 29 september
Firenze (40km) heeft heel wat te bieden. Verscheidene pleinen, kerken, pallazzos en musea. We pikten er het museum Galleria dell’Accademia uit met een aantal schilderijen uit de Renaissance en religieuze Middeleeuwse taferelen (het bloed spat er letterlijk in het rond). Blikvanger is uiteraard de David van Michelangelo. Verder beklommen we de koepel van de Duomo, sloegen we medetoeristen gade vanop de trappen van de Santa Croce, dronken we een cocktail (12 euro) en cappucino (5 euro) op het veel te dure terras van Gilli, staken we Ponte Vecchio over en troepten ‘s avonds samen voor trattoria Il Latini vlak voor openingstijd. We bemachtigden nog net twee plaatsen aan een tafel voor acht en zaten tussen een Italiaans en een Amerikaans koppel. De tafelwijn werd dan ook gedeeld en we werden aangemoedigd maar te nemen wat we wilden door de overhaaste obers. Gerechten werden afgerammeld en we kozen wat het beste klonk zonder al te veel nadenken. Het bleek telkens een zeer goede keuze te zijn. Achteraf maakte de patron snel de rekening op zonder echt te weten wat we gegeten en gedronken hadden en bij het naar buiten gaan stopte hij ons nog een fles ‘Il Latini’-huiswijn toe. Merkwaardig. Een restaurant waar je niet mag komen om tot rust te komen, maar waar je geweest moet zijn als je in Firenze komt. Terug naar Vinci.

Firenze: David van Michelangelo in AccademicaFirenze: Duomo: koepel-uitzichtFirenze: Restaurant Il Latini: wachtrij

* Zondag 30 september
Des morgens al vroeg onze weg gevonden naar een betaalparking vlak buiten het Sienese stadscentrum. Jammergenoeg hadden we de hoogtelijnen op de kaart wat verkeerd geïnterpreteerd en bleken we nog een hele beklimming voor de boeg te hebben. Roltrappen hielpen ons alvast een heel stuk hoger. Het eensterrenhotel Tre Donello bood ons een kamer aan op pakweg honderd meter van Il Campo, het mooiste en gezelligste plein van onze trip. In de namiddag reden we door de Chianti-streek met haltes in Greve, Castellina en nog enkele kleinere plaatsen. Overal waren Enoteca’s waar wijn, olijfolie en honing geproefd, gekozen en gekocht kon worden. Maar vooral de uitzichten over de heuvelachtige streek waren overdonderend. Bij terugkomst wijselijk besloten de auto op een gratis parking te zetten rondomrond de Piazza della Liberta net buiten de stadsmuren. ‘s Avonds brachten we nog wat tijd door in Siena. Op Il Campo monkfish bestellen op een veel te duur terras was geen goed idee voor de smaakpapillen. (De antipasti en primi piatti waren wel te smaken.) De Duomo by night en in stilte aanschouwen zonder te moeten vechten voor een plaatsje tussen de toeristen, is daarentegen wel een aanrader. En mensen zien komen, mensen zien gaan, mensen algemeen gadeslaan al met een gelati zittende op de campostenen is een verplichting in het avondlijke Siena.

ChiantiSiena: Il Campo

* Maandag 1 oktober
In Siena schieten rond de ochtendklok van zeven de stadsarbeiders in gang. Drilboren baanden zich een weg door het wegdek op enkele tientallen meters van ons slaapkamerraam. Aangenaam is anders. Ons goedkope verblijf mocht niet blijven duren. Volzet die avond. Een verhuis drong zich op en dat wel naar het tweesterren Piccolo-hotel in dezelfde straat twintig meter dichter bij de Campo (en bij de wegenwerken, maar de put was er, dus veel lawaai konden ze toch niet meer maken.) Siena zelf was ons doel in de voormiddag. We bewonderden de architecturale meesterwerken deze keer in het licht, maar vonden er minder aan. We doorkruisten de stad met z’n smalle, steil stijgende en af en toe ook dalende wegen en zagen dat het goed was. De Campo werd onze favoriete zit-, lig- en picknickplaats. In de namiddag trokken we terug door de Chiantistreek, maar deze keer de iet wat andere kant. Brolio, Gaiole en Radda mochten van onze aanwezigheid genieten. Het Parco di Cavriglia was ook zeker de moeite. Een gratis dierentuin aka wandelpark quasi zonder ander volk, met een kooi vol cavia’s, een kooi met konijnen, een stuk voor de ezel, de ganzen, de aapjes, everzwijnen, lama’s en als je naar de andere kant van het bos wandelt, zie je ook nog een bruine beer en een buffel. Het is nog eens iets anders dan altijd de stadjes en de landschappen. Ons avondmaal namen we in Radda en ik kan je vertellen, als je ‘s nachts nog een behoorlijk aantal zeer bochtige, totaal onverlichte, redelijk-helinspercentage-hebbende wegen moet doen, ben je content als je weer op de ondertussen vertrouwde Campo bent.

ChiantiChianti

* Dinsdag 2 oktober
De zoektocht naar een hotel met zwembad is begonnen. We hopen op de weg naar Montalcino iets dergelijks, betaalbaars tegen te komen om wat rust te krijgen en om de uitvalsbasis van te maken voor de volgende twee dagen. Rond Buonconvento is het direct raak. Een bordje met “Agriturismo Pieve Sprenna” en het welgekende zwembadsymbool leidt ons via een stoffige zandwegel een tweetal kilometer van de hoofdweg af, in voor de GPS totaal onbestaand gebied, maar het was de moeite. We kregen een appartementje aangeboden waar ik gerust een week zou kunnen doorbrengen, installeerden ons en slenterden in de richting van het zwembad. Het nietsdoen in de zon met een zicht vanuit de zwembadstoel op een alweer adembenemend landschap maakte het perfect. Alhoewel… toen we het zwembadwater beroerden bleek het echt ijskoud te zijn. (Allé, toch kouder dan verwacht en ja, eigenlijk echt wel koud koud.) De koudwatervrees werd overwonnen, maar meer dan een rondje rond het zwembad haalden we er toch niet uit. In de late namiddag bezochten we Montalcino, en lieten ons verleiden door een Brunello di Montalcino die we ons ‘s avonds, teruggekomen op het appartement, lieten smaken.

Buonconvento: hotel Pieve Sprenna

* Woensdag 3 oktober
Pienza en Montepulciano werden gepland. In Pienza was de Pecorino-kaas in zijn verschillende leeftijden, smaken, soorten en prijsklasses alom aanwezig. Een van de plaatselijke kaaswinkels verkocht ons dan ook met plezier een stuk van een schijf Pecorino semi-stagionato. Best een gezellig stadje ook, dat Pienza. Montepulciano is uiteraard gekend voor de wijnen. De Vino Nobile namen we dan ook mee als souvenirs, samen met pici (dikke spaghetti), honing en een flesje rode tafelwijn van vijf liter. De auto bracht ons terug naar het nog altijd even koude zwembad in de late namiddag. Dat laat zijn was trouwens de schuld van de supermarkt waar we nog enkele inkopen wilden doen om op onze duizend+ kilometer terug toch iets eetbaars mee te hebben. Middagrust tot 15u30… een hel.

Pienza

* Donderdag 4 oktober
De terugweg werd ingezet. Nog even een omweggetje langs San Gimignano om het stadje met de vele torens van naderbij te bezichtigen, maar een aanrader kan ik het toch niet noemen. Per honderd mensen die ik er zag lopen, waren er negenennegentig toeristen. Wel ons te kort aan wijn last minute nog wat aangevuld met Chianti Classico’s en het tekort aan olijfolie met wat Toscaanse extra vergines-flesjes. Volterra, met zijn Middeleeuwse opgravingen, was de laatste stadjes-stop. Het amfitheater hebben we gezien, het laatste Italiaanse ijsje werd opgesmuld en op naar Zwitserland! Doe het niet! Draai niet van de snelweg af even na de Gothardtunnel van zeventien kilometer. Niet vlak voor Altdorf! Niet in Erstfeld. Doe het niet! Al je Duits-Zwitserse vooroordelen worden dubbel en dik bevestigd. Geloof me.

Zwitserse maaltijd

* Vrijdag 5 oktober
Druilerig weertje om de tocht verder te zetten. Zwitserland uit, Frankrijk in, Frankrijk uit, Luxemburg in, Luxemburg uit, België in. Nergens files… tot hiertoe… want eemaal op de ring rond Brussel stonden we stil. Rond vier uur ‘s namiddags toch thuisgeraakt. Het was een mooie reis. Veel gezien, veel gedaan, veel zon gehad, goed geamuseerd, goed gegeten, en nu weer een jaartje wachten op meer van dat.

Meer foto’s vind je op Flickr: set Toscane 2007. Voor en tijdens de reis hebben we ons vooral gebaseerd op “Capitool Compact: Top 10 Toscane”, “Lannoo’s Blauwe Reisgidsen: Toscane, de mooiste reisregio’s en autoroutes”, “Trotter: Toscane/Umbrië” en hier en daar “Michelin Groene Gids: Italië”.

Comments: 1

  • jepa October 21, 2007

    Zo te lezen en te zien moet Toscane dan toch wel een vakantie-aangenaam en mooi stukje Italië zijn…

Leave A Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *